Je kruis op je nemen…

Tekst: Marcus 8:27-36

Geliefde gemeente van Jezus Christus,

Een tijdje geleden kreeg ik een tekening in mijn post,
bij een reclamebrief van Compassion.
Het is een tekening van een kindje uit Kenia.
Op de tekening staat Jezus afgebeeld met zegenende handen,
Met aan de rechterkant een kruis,
En aan de linkerkant een grot waar de steen van is weggerold,
En een klein figuur dat daar uit komt, omstraald door licht.

Als wij aan Jezus denken,
dan zijn dat meteen de eerste dingen die in ons opkomen.
Aan het leven van Jezus, aan de wonderen die hij deed,
En de dingen die hij de mensen leerde.
En we denken ook meteen aan het kruis, en de opstanding van Jezus.
Dat zijn hele centrale dingen voor ons,
Die ons vertellen wie Jezus is.

Wij geloven dat Jezus de zoon van God is,
Dat Hij zijn leven voor ons gaf,
Om ons vergeving te brengen.
En dat Hij weer opstond uit de dood.

Dat is het licht waarin wij alle verhalen over Jezus lezen.
Maar op het moment dat die dingen echt plaatsvonden,
Wisten de mensen nog niet hoe het zou eindigen.
Wat de weg van Jezus zou zijn.
Zelfs de leerlingen van Jezus begrepen dat niet.

In het gedeelte dat we hebben gelezen,
Begint daar voor het eerst verandering in te komen.
De leerlingen beginnen oog te krijgen voor wie Jezus werkelijk is.
En hij vertelt ze over wat er staat te gebeuren.
Over de weg die hij moet gaan.

Jezus en zijn leerlingen zijn naar een afgelegen gebied getrokken,
In de omgeving van Caesarea Philippi,
een stuk ten Noorden van het meer van Galilea.
Hij heeft daar tijd om te bidden,
en om in alle rust met zijn leerlingen te praten.

Jezus vraagt aan zijn leerlingen:
Wat denken de mensen over mij? Wie of wat denken ze dat ik ben?
En wie ben ik volgens jullie?

De mensen denken dat hij een profeet is,
Of een profeet uit het verleden, die is teruggekomen, zoals Elia.
Of zelfs Johannes de Doper,
die kort daarvoor door koning Herodes om het leven was gebracht

Maar het is Petrus, die namens alle leerlingen zegt:
U bent de door God gezonden Messias.
Dat woord, ‘Messias’, betekent gezalfde.
Vanouds werden koningen gezalfd met olie, als een soort kroning.
Maar het woord Messias was de gezalfde gaan betekenen.

Petrus zegt dat Jezus de Koning is waar het volk van God al zo lang op heeft gewacht.
De Koning die namens God komt, en die alles goed komt maken.
Die recht en vrede zal brengen, en de mensen weer bij God zal brengen.

Jezus spreekt Petrus niet tegen.
Hij ís die koning.
Maar Hij zegt tegen zijn leerlingen dat ze dat stil moeten houden.
Als dat bekend zou worden,
zou dat ervoor kunnen zorgen dat de mensen met hem op de loop zouden gaan,
en niet op een goede manier.
Dat Jezus het boegbeeld van een opstand tegen de Romeinen zou worden,
en dat de mensen geen oog meer zouden hebben
voor wat Jezus werkelijk zei en leerde.
Zo’n Messias wilde Jezus niet zijn.

Hij legt dat aan zijn leerlingen uit.
De Koning die hij moest zijn, was een koning die moest lijden.
Hij zal veroordeeld worden, en moet sterven aan een kruis.
En op de derde dag zal hij opstaan uit de dood.

Voor ons klinkt dit niet zo vreemd meer in de oren. Wij weten wat er gaat gebeuren.
Maar moet je je eens voorstellen hoe dit klonk voor zijn leerlingen!
Zij dachten: dit kan hij toch niet menen?
Petrus neemt hem zelfs apart, en zegt:
U zult toch zeker niet sterven? Dat laat ik niet gebeuren!
Maar Jezus wijst Petrus hard terecht.
Hij laat er geen twijfel over bestaan.
Hij moet die weg gaan.
Hij is bewust op weg naar zijn dood.
Dat is waar hij voor is gekomen.

Een Koning die komt om te lijden.
Hoe past dat in het plaatje van een Koning die komt om het weer goed te maken in deze wereld?
Hoe kan een Koning het goed maken, het kwaad verslaan, recht en vrede brengen,
door te lijden en te sterven?
Voor zijn leerlingen was dat onbegrijpelijk.

Maar is dat voor ons eigenlijk wel te begrijpen? Is dat wel te bevatten?
Het is een van de grootste mysteries van het christelijk geloof.
Dat God zijn zoon niet stuurt om deze wereld,
waarin zoveel gebrokenheid is, zoveel geweld,
met een knip op de vingers te herstellen.
Maar dat God zijn zoon stuurt om zelf te lijden onder die gebrokenheid.
Om zelf zijn leven voor ons te geven.
Dat is iets dat je niet kunt verzinnen,
omdat het ingaat tegen alle logica van de wereld om ons heen.

Dat vertelt ons iets over wie God is, over wie Jezus is,
En dat vertelt ons ook iets over de mensen die ervoor kiezen om achter Jezus aan te gaan.

Dat laat iets zien van de liefde van God.
En ook van de manier waarop God door mensen heen werkt.

Want Jezus zegt niet alleen tegen zijn leerlingen dat hij zal moeten lijden.
Maar hij zegt ook: wie achter mij aan wil komen,
Moet zichzelf verloochenen,
En dagelijks zijn kruis op zich nemen,
En mij volgen.

Als je eens op je in laat werken wat Jezus hier van de mensen vraagt die Hem willen volgen…
Het beeld van een kruis was in de tijd van Jezus maar al te bekend.
Het was een wrede straf die de Romeinen vaak toepasten.
Je kruis op je nemen, is een weg van lijden gaan.
Een enkele rit.
Je kruis op je nemen betekent echt jezelf verloochenen,
jezelf ontkennen, jezelf achter laten.
Wat betekent dat eigenlijk?
Kun je dat wel van iemand vragen? Kun je dat wel van jezelf vragen?

En alsof dat nog niet genoeg is, doet Jezus er nog een stap bovenop.
Ieder die zijn leven wil behouden, zal het verliezen.
Maar wie zijn leven verliest omwille van mij, zal het behouden.
Wat heeft een mens eraan als hij de hele wereld wint,
Maar zichzelf verliest, of schade toebrengt?

Het zijn woorden die ontzettend hard klinken,
En die daardoor ook weerstand op kunnen roepen.

Toch zit er wel wat in die woorden van Jezus.
Als je enige en belangrijkste doel is dat je alles uit het leven wil halen wat erin zit,
dan kun je bedrogen uitkomen.

En dat is iets wat ons in deze tijd meer dan ooit bezighoudt.
Je leeft maar één keer, dus je moet de goede keuzes maken.
Het maximale uit je leven halen.
De keuzes die je maakt als je jong bent, beïnvloeden de rest van je leven.
Wat als je een verkeerde keuze maakt?
Of wat als je onderweg ergens strandt?
Wat als alles kapot gaat?
Voor sommige mensen is dat pijnlijk herkenbaar.

Denk eens aan Halbe Zijlstra.
Toen ik vorige week het nieuws zag, had ik echt met hem te doen.
Hoe zou hij zich voelen, nu zijn kans om het echt te maken bij de VVD is verkeken?
Zijn doelen waar hij zolang voor heeft gewerkt,
waar zijn leven om draaide, zijn mislukt.
Hij moest met tranen in zijn ogen afscheid nemen van zijn ambt als minister,
Zo snel al nadat hij met dat werk was begonnen.
Van de ene op de andere dag heeft hij geen toekomst meer in de politiek.

Of denk aan Sven Kramer,
die alles op alles had gezet om goud te halen op de tien kilometer schaatsen op de olympische spelen.
Het zou de kroon zijn op alles wat hij tot nu toe heeft behaald.
En wat hadden we het hem gegund.
Maar hij was niet de snelste.
Jaren hard werken zag hij zo aan zich voorbijvliegen.
Omdat het dit keer niet wilde.

Iemand twitterde: zo lang aan de top.
De concurrentie zo vaak vernederd, weggeblazen.
Alles gewonnen wat er te winnen viel. Behalve die ene.

Of denk aan iemand die thuis komt te zitten met een burn-out.
Door spanningen op het werk,
door continu teveel van jezelf te vragen.
En toch is het iets waar je zelf eigenlijk niets aan kunt doen.
Het overvalt je.

Zoiets zet je leven op scherp.
Je moet ineens je doelen enorm bijstellen.
Waar je eerder alles liet vallen voor je werk,
Ben je nu al blij als je gewoon weer naar de supermarkt kunt.
Het laat je met hele andere ogen kijken naar je leven.
Naar wat je van belang vindt.

Jezus zegt: je kunt je leven verliezen,
Door te proberen het te behouden.
Hoe harder je je aan het leven vastklampt,
Des te meer verlies je de grip erop.

En die ervaring, van de grip op je leven verliezen,
Die is voor veel mensen maar al te bekend.

Maar wat is het alternatief?
Jezus zegt: ik ben het alternatief. Kom achter mij aan.
Neem dagelijks je kruis op je, en volg mij.

Nou klinkt je kruis op je nemen nog steeds bepaald niet uitnodigend.
Wat is je kruis op je nemen? Wat vraagt het van je?
Bedoelt Jezus dat je kruis op je nemen het tegenovergestelde is van al die andere dingen?
Het tegenovergestelde van beroemdheid, en succes,
maar ook van geluk, gezondheid, familie, leuke dingen doen?
Moet je dat allemaal loslaten om Hem te kunnen volgen?
Moet je als een monnik of een non het klooster ingaan,
En je leven helemaal aan je geloof wijden?
Mag je geen TV meer in huis? Moet je Playstation de deur uit?
Moet je jezelf helemaal wegcijferen voor anderen,
zodat je er zelf aan onderdoor gaat?

Ik denk dat wij, als wij deze tekst lezen,
al snel aan zulke dingen denken.
Maar daarmee gaan we voorbij aan de letterlijke betekenis van wat Jezus hier zegt.

Voor zijn leerlingen, en voor de christenen in de eerste eeuwen,
en zelfs voor christenen nu, op bepaalde plekken in de wereld,
Betekent in Jezus geloven letterlijk je kruis op je nemen.

Denk aan mensen die om hun geloof worden vervolgd en bedreigd.
Zeker in de eerste eeuwen van het christelijk geloof was dat geen uitzondering.
Geloven in Jezus betekende kiezen voor onzekerheid.
Kiezen voor dat je gezien kon worden als een tweederangs burger.
Dat je alles kon kwijtraken.
Dat je zelfs gevangen werd gezet, of gedood.

In China is dat nu bijvoorbeeld niet heel anders.
Ze zijn daar bezig met het ontwikkelen van een puntensysteem,
dat bijhoudt of je een goede burger bent.
Dat puntensysteem bepaalt je kansen in de samenleving.
Op werk. Op de plek waar je woont. En zelfs op een relatie.
En als bekend is dat je christen bent,
dan haalt dat je ‘score’ naar beneden.
Zo reëel is wat Jezus zegt voor sommige mensen.

Maar voor ons is het gelukkig minder een bedreiging.
En ik denk niet dat Jezus ons hier de opdracht geeft,
om zelf een kruis te zoeken dat we op ons kunnen nemen.
Maar dat Hij eerder wil zeggen:
dat kan een gevolg zijn, als je mij gaat volgen.
Hij wil zijn leerlingen duidelijk maken dat de Messias die ze volgen,
Er een is die zal lijden, en zal sterven.
En dat achter Hem aangaan kan betekenen dat ze dat risico zelf ook lopen.

Wat Jezus wel zegt, is:
Wie mij wil volgen, moet dagelijks achter mij aan gaan.
En dat kan je iets kosten,
Dat kan je onzekerheid opleveren,
Of betekenen dat je bepaalde doelen moet loslaten.

Maar dat maakt andere dingen niet onbelangrijk.
Natuurlijk is je familie belangrijk voor je.
En je gezondheid.
En is er ontzettend veel moois om van te genieten.
Natuurlijk is het mooi dat je geniet van je werk.
Of als je een schaatswedstrijd wint door daar keihard voor te werken.
Of als je een goede politicus bent, met hart voor de zaak.
Je kruis op je nemen is niet dat dat niet mag!
Integendeel…

Maar door achter Jezus aan te gaan,
kan al dat andere wel aan waarde verliezen.
Wordt het niet meer iets om je identiteit aan op te hangen:
Of je een gelukkige relatie hebt,
Of je werk hebt waar je voldoening in vindt,
Of je leuke en spectaculaire dingen doet met je vrienden,
Of verre reizen maakt.
Dat is allemaal wel mooi.
Maar het hoeft niet te bepalen wie je bent.

Pas als je Jezus elke dag weer bovenaan zet op je to-do-lijst,
Als je Hem probeert te volgen,
Dan vind je waar het leven echt om draait.
Vind je het leven zelf.

En dat kan heel veel rust geven.
Je hoeft niet succesvol te zijn.
Je hoeft niet alles uit het leven te halen wat erin zit.
Je hoeft je niet altijd iets aan te trekken van wat andere mensen van je vinden.

Toch houdt Jezus ons hier wel een spiegel voor.
Wat Jezus wil is niet alleen dat je andere doelen laat varen,
Maar dat Hij zelf de kern vormt van jouw identiteit.
Dat je achter Hem aan probeert te gaan.

Een jaar of 10 geleden liepen veel jonge christenen rond met een armbandje.
Daarop stonden de letters: WWJD.
Dat staat voor: What would Jesus do?
Wat zou Jezus doen?

Het was een manier om aan anderen te laten zien dat je gelooft.
En ook een manier om je er steeds aan te herinneren om God te betrekken bij de keuzes die je maakt.

Dat kan best lastig zijn.
Want de Bijbel is wel een richtsnoer, maar geen handleiding voor het leven.
Je kunt niet verwachten dat God alle grote keuzes voor jou maakt.
Maar je kunt wel jezelf de vraag stellen:
Wat zou Jezus in deze situatie doen?
Laat ik mijn geloof meewegen in mijn overwegingen om deze keuze te maken?

Toch gaat Jezus volgen niet in de eerste plaats om iets wel of niet doen.
Je hebt niet altijd een keuze tussen goed of fout.
Achter Jezus aangaan gaat in de eerste plaats
over dat je je je door Hem laat vormen.
Door zijn woorden te lezen, of te horen, en daarover na te denken,
hoe je die kunt toepassen in je leven.
Door van Hem onder de indruk te raken.
Door open te staan voor wie God is in jouw leven.

Jezus volgen in de keuzes die je maakt is de tweede stap.
Maar de eerste stap is wat de leerlingen doen:
Met Jezus optrekken. Hem beter leren kennen.
Leren zien dat Hij de Messias is, de Zoon van God.

Als je op die manier achter Jezus aangaat, en van Hem leert,
Dan ga je zien dat het leven niet iets vanzelfsprekends is.
Dat je het helemaal gericht op jezelf kunt leven,
Op je eigen doelen en ambities,
maar dat je het leven ook kunt zien als een prachtig geschenk van God.
Een geschenk waar je van mag genieten,
En dat je uit kunt delen.
En dat je door Gods liefde kunt laten omvormen naar nog iets mooiers.

Denk aan de graankorrel:
als die niet sterft, draagt hij geen vrucht.

Jezus draagt vrucht door zijn leven voor ons te geven.
En wij mogen vrucht dragen door ons leven aan Hem te geven.
Door in ons gewone, dagelijkse leven,
Achter Hem aan te gaan.
En van Hem te leren.
Amen.

Voeg toe aan je favorieten: Permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *