Uit de boot stappen

Tekst: Mattheüs 14:22-33

Lieve mensen,

Ga nog niet te gemakkelijk onderuit zitten, met de gedachte:
nu komt de preek, nu kan ik lekker luisteren!
Even wachten met de pepermuntjes.
Want ik heb jullie nodig.
Ik wil namelijk een spel met jullie doen!Jaha, wat komt er nou?

Ik ga jullie vragen stellen.
En ik wil jou vragen om te gaan staan, als het antwoord op die vraag voor jou ‘ja’ is.
Denk vooral niet te lang na over het antwoord,
ook niet over wat mensen ervan denken.
Gewoon doen!
Als steeds gaan staan en weer gaan zitten voor jou moeilijk is,
mag je ook gerust alleen je hand opsteken.
Maar voor de rest: zo word je meteen lekker wakker!

Ik heb eerst een paar vragen om er even in te komen.
Zodat je er een beetje aan kunt wennen.
De eerste vraag is: wie heeft wel eens brood op?
Nou, dan kan denk ik iedereen wel gaan staan 😉
De tweede vraag is: wie heeft vandaag brood gehad voor het ontbijt?
De derde vraag: wie had iets anders dan brood, voor het ontbijt?

De vierde vraag: wie houdt van klassieke muziek?
De vijfde vraag: wie luistert er wel eens naar radio Noord?

Okee. Dat waren vragen om er een beetje aan te wennen.
Nu komen de wat moeilijkere vragen.
Wees niet bang, het zijn geen strikvragen.
En je hoeft niet uit te leggen waarom je er ja of nee op zegt.
Denk er vooral niet te lang en diep over na!
Gewoon doen wat je gevoel je ingeeft.

De zesde vraag: wie heeft er beetje een idee van, of je nou zeker weet dat het zo loopt of niet, hoe jouw leven er over een jaar uit zou kunnen zien?

De zevende vraag: wie heeft er een beetje een idee van hoe jouw leven er over vijf jaar uit zou kunnen zien?
Dat hoeft geen vastomlijnd beeld te zijn, gewoon hoe het zou kunnen zijn.
Of hoe je hoopt dat het is.

De achtste vraag: wie heeft er een beeld van hoe jouw leven er over tien jaar uit zou kunnen zien?

De negende vraag: wie zou soms wel eens willen weten hoe je leven er dan uit ziet?

De tiende vraag: wie vindt het wel eens lastig dat je niet weet hoe je leven er dan uit ziet?

En de elfde vraag: wie zit er wel eens over in, hoe je toekomst eruit ziet?

Bedankt allemaal, voor het meedoen.
Jullie mogen weer lekker gaan zitten.

Ik moet eerlijk bekennen dat ik bij die laatste twee vragen wel was gaan staan.
Ik vind het soms echt best lastig, dat ik niet weet hoe de toekomst eruit ziet.
Wat me te wachten staat.
Bijvoorbeeld: waar woon ik over tien jaar?
Waar werk ik over tien jaar?
Ben ik dan nog steeds predikant?
Hier, of heel ergens anders?
Is er dan heel veel veranderd in de kerk, of is het juist nog heel erg hetzelfde?
En meer persoonlijk:
Ben ik dan getrouwd, en heb ik misschien zelfs kinderen?
Of: gebeurt er iets dat dat allemaal in de weg staat? Of loopt alles anders dan ik denk?
Nou ben ik iemand die denk ik, onbewust, toch graag wil weten waar die aan toe is.
Wie van jullie heeft dat nog meer,
dat je dat eigenlijk best wel fijn vindt, om te weten waar je aan toe bent?
Steek je hand eens op?
Volgens mij is dat iets heel menselijks.
Om zekerheid te willen hebben.
Om een beeld van de toekomst te hebben, waar je naartoe kunt leven.
Want dat bepaalt de beslissingen die je nu maakt.
Wat voor opleiding je doet.
Waar je gaat wonen.
Hoe je nu je leven inricht.

Maar het lastige is dat er zóveel is waar we geen controle over hebben!
Eerlijk gezegd: volgens mij hebben wij allemaal een beeld van hoe onze toekomst eruit zou kunnen zien.
Maar ik durf er wel mijn hand voor in het vuur te steken dat er maar weinig mensen zijn voor wie het leven zó voorspelbaar is, dat je dat écht kunt weten.
Er kunnen altijd wel onverwachte dingen gebeuren.
Dingen die roet in het eten gooien.
Of juist mooie dingen, die je op een heel nieuw spoor zetten.

Eigenlijk is het maar goed dat je soms niet weet hoe het leven loopt!
Want dat zou betekenen dat er ook niets kon gebeuren waarover je je kon verwonderen.
Of dingen die je kunnen verrassen.

Hoe kom ik er nou bij, om het hier met jullie over te hebben?
Dat komt door dat mooie gedeelte uit de Bijbel,
dat we met elkaar hebben gelezen.
Over de leerlingen van Jezus,
die iets meemaken dat ze ontzettend verwondert!

Die leerlingen van Jezus waren sowieso een best wel wonderlijke groep mensen bij elkaar.
Had je aan hen gevraagd of zij tien jaar geleden hadden gedacht dat zij hier bij elkaar in de boot zouden zitten,
dan weet ik zeker dat ze je allemaal hadden gezegd:
nee, natuurlijk niet!

Ze hadden Jezus leren kennen.
Of eigenlijk: Jezus had hen leren kennen.
Ze waren op de een of andere manier met hem in aanraking gekomen,
en Jezus had gezegd:
Kom achter mij aan! Volg mij!
En dat hadden ze gedaan.
Omdat ze door hem geïntrigeerd waren.

Want het leven met Jezus was nooit saai.
Elke dag weer gebeurden er dingen waar ze zich over verbaasden.
Elke dag hoorden ze nieuwe dingen. Leerden ze nieuwe dingen.
Elke dag waren ze er getuige van hoe Jezus mensen genas. En hielp.
Elke dag zagen ze Jezus wonderen doen.
Elke dag verbaasden ze zich over wat ze God om zich heen zagen doen.
Hoe mensen geraakt werden door de liefde die Jezus liet zien.
Hoe juist die mensen die door anderen werden buitengesloten,
van Jezus mochten horen dat God van ze houdt.

En op een dag, het was een dag zoals alle andere,
juist omdat het geen dag was zoals alle andere, ik denk dat dat elke dag zo was,
op een dag maken ze iets bijzonders mee.

Jezus krijgt slecht nieuws te horen.
Zijn goede vriend, Johannes de Doper,
is door koning Herodes om het leven gebracht.
Jezus heeft behoefte aan tijd voor zichzelf, tijd met God,
Maar er zijn zoveel mensen die hem om hulp komen vragen dat hij daar niet aan toe komt.
Hij geneest mensen, vertelt ze over God,
Geeft alle mensen te eten van vijf broden en twee vissen.
En dan zegt hij tegen zijn leerlingen:
stap maar in de boot, ga maar varen.
Ik kom jullie wel achterna.
Want hij heeft even tijd nodig om te bidden.

Ik denk dat zijn leerlingen er op dat moment niet eens zo bij nadachten wat hij daarmee bedoelde:
ik kom jullie wel achterna.
Ze deden wat hij van ze vroeg.
Ze voeren het water op, het meer van Galilea,
en brachten daar, in de boot, de nacht door.

Twee jaar geleden ben ik zelf bij het meer van Galilea geweest.
En toen ik daar was, dacht ik: is dit nou het meer waar deze verhalen over gaan?
Het is wel een groot meer.
Maar toch is het water heel rustig. Het is net het Schildmeer.
En ik vroeg de gids hoe dat zat.
In de Bijbel wordt het toch een zee genoemd?
En je leest in de Bijbel toch dat het hier heel erg tekeer kan gaan?

De gids vertelde dat dit meer ligt op een knooppunt van verschillende werelddelen.
Dat zorgt ervoor dat de wind van verschillende kanten tegelijk kan komen.
En elke dag gebeurt dat wel, aan het eind van de middag, of ‘s nachts:
dan komen er harde valwinden,
en verandert het meer ineens heel erg.
Dan gaat het hard stormen, komen er hoge golven.
Dan wil je daar liever niet zijn!

Die nacht ging het ook flink tekeer.
Hoge golven beuken tegen de vissersboot waar de leerlingen van Jezus in zitten.
En plotseling zien ze, in die storm, een vreemde gedaante lopen. Op het water.

Dat is iets van alle tijden:
vissers en zeelui, die konden altijd al behoorlijk bijgelovig zijn.
En als ze die vreemde gedaante zien, roepen ze meteen:
een geestverschijning! Een spook!
Maar dan horen ze gelukkig een vertrouwde stem, de stem van Jezus:
Ik ben het. Wees niet bang!

Op dat moment zijn de leerlingen van Jezus al ontzettend onder de indruk.
Misschien dat ze nog niet eens overtuigd waren dat het echt Jezus was.
Dat ze nog steeds half dachten dat het een spook was.
Behalve Petrus.
Hij zegt: Heer, als u het bent, beveel me dan om over het water naar u toe te komen!
De woorden die Petrus gebruikt,
laten aan de ene kant zien hoe erg hij onder de indruk was,
en aan de andere kant iets van zijn vertrouwen.
Meestal noemt hij Jezus ‘meester’.
Maar nu noemt hij hem: ‘Heer’.
Zo werd eigenlijk alleen God aangesproken!
Hij gelooft dat het echt Jezus is die op het water loopt.
En dat Jezus niet alleen zelf over het water kan lopen,
maar dat hij ook Petrus over het water kan laten lopen.
Want hij is de zoon van God. Daar is Petrus van overtuigd!

En Jezus zegt één woord: kom!
En dan klimt Petrus uit de boot, en loopt – over het water – naar Jezus toe.
We hoeven niet te doen alsof dat voor hem niks voorstelde.
Voor Petrus was dat net zo wonderlijk als het voor ons zou zijn!

Ik heb wel eens iemand horen vertellen dat ze als kind een preek hoorde over deze tekst,
(ik zal niet zeggen dat het Grietje Blokzijl is),
en dat ze het na de dienst zelf uit ging proberen, vol goede moed.
Ze stapte op het water in de sloot – en toen had ze natte voeten 😉

Petrus stapt niet de boot uit omdat hij denkt:
leuk, laat ik dat ook eens proberen!
Hij ziet Jezus op het water lopen.
En hij is ervan overtuigd dat Jezus de zoon van God is.
Dát geeft hem de moed om het zelf ook te proberen!

Maar dan…
dan ziet hij de hoge golven,
en voelt hij de harde wind,
en hij gaat twijfelen,
En hij zinkt als een baksteen.

Dat is toch wat!
Dat Petrus zinkt op het moment dat hij gaat twijfelen!
Mág hij dan niet bang worden van die golven?
Mág hij niet twijfelen?
Ondertussen zitten de andere leerlingen veilig in de boot.
Zij durven niet eens de stap te zetten om op het water te gaan staan!

Je hebt verschillende typen mensen.
Misschien ben jij wel iemand die overal heel erg over nadenkt.
Pas als je het helemaal zeker weet, dan durf je een stap te zetten.

Of misschien ben jij juist van: eerst doen, dan pas denken.
Je gaat overal vol in,
om er vervolgens pas achter te komen dat het misschien niet zo makkelijk was als het leek!

Het grappige is: de leerlingen van Jezus zijn ook zo.
Ze zitten met zijn twaalven in die boot.
Maar Petrus is de enige die zegt: ik stap eruit!

Alleen hij gaat niet van tevoren twijfelen.
Hij gaat twijfelen terwijl hij er al mee bezig is.
Als hij al op het water loopt, en bij zichzelf denkt:
dit kan helemaal niet waar zijn!

Het dreigt helemaal mis te gaan.
Petrus twijfelt. Hij is bang.
En hij zinkt.
Maar toch, ondanks zijn angst, roept hij naar Jezus:
Heer, red mij!

En vervolgens staat het er zo mooi!
Jezus komt naar hem toe, strekt zijn hand uit, en grijpt hem vast.
Hij laat hem niet zinken.
Hij zegt: waarom twijfel je? Waarom had je maar zo weinig vertrouwen?

Niet omdat Petrus niet mócht twijfelen.
Maar het had niet gehoeven.
Jezus was erbij.
Hij zou hem echt niet laten vallen.
Echt niet laten zinken.

Samen gaan ze terug naar de boot.
En alle leerlingen zijn diep onder de indruk van wat ze hebben gezien.
U bent echt de zoon van God!, zeggen ze.
Maar diezelfde leerlingen zullen later weer net zo hard twijfelen.
Weer net zo bang zijn.

Zo werkt het nou eenmaal.
Twijfel, en angst, kunnen heel hardnekkig zijn.
Ze kunnen je bang maken om stappen te durven zetten.

Het liefst willen wij ons leven bouwen op zekerheid.
En willen we ons leven vol bouwen met zekerheden.
Maar wat is échte zekerheid?
Wanneer zou je alles zo op een rijtje kunnen hebben, dat niets je meer verrast?
En zou het leven dan niet heel saai worden?

Ik begon deze preek door te zeggen dat ik het soms best lastig vind dat ik niet weet hoe mijn toekomst eruit gaat zien.
En dat is echt zo.
Misschien herken je dat wel.
Soms zou het fijn zijn als je daarover af en toe een beetje gerustgesteld kon worden.

Maar één ding geloof ik wel:
Dat, ook al heb ik niet altijd grip op hoe mijn leven eruit ziet, of wat daarin gebeurt,
Dat ik niet bang hoef te zijn voor de toekomst.
Of mijn dromen van hoe ik hoop dat het zal gaan, nou uitkomen, of niet.
Want ik geloof dat Jezus er zal zijn, om mij op te vangen als ik val.

Net als Petrus, die uit de boot stapte, en ging twijfelen,
door de harde wind en de harde golven,
En die toch naar Jezus riep,
Zo mogen wij ook, als het leven op ons af komt,
als we ons geen raad weten,
als we gaan twijfelen, of onzeker zijn, of bang,
Naar Jezus om hulp roepen.
En geloven dat hij ook naar ons toe komt.
Zijn arm naar ons uitstrekt.
En ons vastpakt.

En misschien dat hij ook tegen jou, tegen mij zegt:
kleingelovige, waarom heb je getwijfeld?
Maar hij zegt het, terwijl hij je liefdevol aankijkt.
Je hóeft niet bang te zijn.
Je hóeft niet te twijfelen.
De toekomst hóeft je geen angst in te boezemen.
Want Hij is erbij.
En Hij is Heer.
Amen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *