Tamar: God vervult zijn belofte

Tekst: Genesis 38

Wat een verhaal, dat verhaal van Tamar!
Het staat ontzettend ver van onze belevingswereld af.
In onze cultuur zou zoiets niet meer voorkomen.
En op het eerste gezicht komt het heel vreemd op ons over.

Tamar was getrouwd, met Er, de zoon van Juda.
Maar haar man stierf, zonder haar kinderen te geven.
In onze tijd zouden die twee dingen niet in één zin gezegd worden.
Ze zijn voor ons niet aan elkaar gekoppeld.
Maar in die tijd wel. Waarom?
Omdat iemands rijkdom in de eerste plaats niet werd bepaald door hoeveel geld je had,
Of hoeveel vee,
Maar door hoeveel kinderen je had.
Rijkdom was als je kinderen had die op je oude dag voor je konden zorgen.
In sommige landen wordt dat ook vandaag nog zo gezien.
Vooral op plaatsen waar geen sociaal vangnet is.

En als weduwe zonder kinderen zag het er slecht voor je uit.
Er was geen uitkering. Je moest zelf rondkomen.
Een vrouw alleen was afhankelijk van haar ouders,
en als die wegvielen had ze niets meer.

Daarom waren er wetten,
Die heel vreemd op ons overkomen.
Maar die wetten waren er om vrouwen daartegen te beschermen.
Als de man van een vrouw overleed terwijl ze geen kinderen hadden,
dan moest zijn broer voor nakomelingen zorgen.
Die nakomelingen golden dan niet als zijn kinderen,
Maar als kinderen, en dus ook erfgenamen, van de oudste broer.

Ondenkbaar, in deze tijd!
Je moet er niet aan denken!
Maar een huwelijk in die tijd had niet veel met liefde te maken.
En de wet was er juist om Tamar te beschermen.
Als ze kinderen krijgt, kunnen die op haar oude dag,
als haar ouders er niet meer zijn, voor haar zorgen.
En alleen met kinderen kan ze iets erven van Er.
Anders gaat zijn bezit naar zijn broers.
Zonder kinderen heeft Tamar geen toekomst.

Het is nu dus aan Onan, de broer van Er,
Om Tamar van kinderen te voorzien.
Maar wat gebeurt er?
Onan gaat wel met Tamar naar bed,
maar wil haar niet zwanger maken.
Voor het oog van de buitenwereld doet hij zijn plicht;
maar hij wil geen verantwoordelijkheid nemen voor de vrouw van zijn broer.
Voor de buitenwereld lijkt alles prima,
Maar Tamar lijdt onder de schijn die Onan ophoudt.
De wet die haar beschermt houdt haar juist gevangen.
Tot ook Onan overlijdt.

En al lijkt dat een verlossing voor Tamar:
Ineens ziet Juda het niet meer zitten,
als twee van zijn zoons zijn overleden terwijl ze geen kinderen krijgen.
Hij wil niet meer zoons ‘kwijtraken’ aan deze vrouw.
Hij laat Tamar zitten.
Hij zegt dat ze moet wachten tot Sela volwassen is.
Maar na verloop van tijd merkt Tamar dat hij dat alleen zegt om haar koest te houden.
Hij is helemaal niet van plan om Sela aan haar te geven.

Het plan dat Tamar vervolgens bedenkt,
komt net als het eerste deel van het verhaal heel erg vreemd op ons over.
En dat is het ook. Het is geen ideaal plan.
Geen plan zonder risico.
Maar Tamar ziet geen andere uitweg meer.
Als dit niet helpt, dan maar niets.
Het is een daad van wanhoop.

Ze wil zwanger worden op zo’n manier,
dat het aanvaardbaar is voor de mensen om haar heen.
En ze bedenkt een list om dat te doen.
Ze heeft gehoord dat de vrouw van Juda is overleden,
Maar dat de rouwtijd voorbij is;
En dat hij op weg gaat naar een feest.
Ze kijkt welke weg hij gaat nemen,
En vermomt zich als een prostituee,
Om vervolgens langs die weg te gaan zitten.
Ze doet een sluier voor haar gezicht,
Zodat Juda haar niet herkent.
Zo zorgt ze ervoor dat haar schoonvader Juda met haar slaapt.

Hier komt de dubbelheid van het verhaal heel sterk naar voren.
De dubbelheid van de cultuur van die tijd.
Juda laat Tamar aan haar lot over.
Vervolgens bezoekt hij een prostituee.
Als man mag hij alles bepalen, en komt hij overal mee weg.

Maar als Tamar zwanger blijkt, veroordeelt hij haar.
Zij is de schuldige. Hij gaat vrijuit.

Maar Tamar heeft dat al zien aankomen.
Ze heeft als betaling gevraagd om de staf en de zegel van Juda.
Iedereen herkende die twee voorwerpen,
En wist wie de eigenaar was.
En als blijkt dat ze zwanger is,
en de mensen haar ter dood willen veroordelen,
laat ze de staf en de zegel zien.
Iedereen ziet het nu: Juda is de vader.
Hoe redt hij zich daar uit?
Juda heeft geen keus:
hij moet erkennen dat hij de vader is.
Hij moet zijn verantwoordelijkheid nemen.
Voor Tamar en voor haar kinderen zorgen.
Anders is hij niet meer geloofwaardig.
Gelukkig erkent hij dat hij schuldig is, en niet Tamar.
En hij neemt zijn verantwoordelijkheid.
Hij neemt de zorg voor haar en voor haar tweeling op zich.

Verhalen als dit maken dat we ons een beetje ongemakkelijk voelen.
Wat moet je ermee, dat zo’n verhaal in de Bijbel staat?

Maar misschien staat niet eens zo heel ver van ons af als we denken.
Want de cultuur in die tijd heel veel verschilde van de onze,
Zijn er ook dingen waar we ons misschien wel in herkennen,
Afhankelijk van je eigen situatie.
Het verhaal van Tamar is een verhaal over wanhoop.
En een verhaal over gebrokenheid,
Over een wereld waarin soms verschrikkelijke,
onbegrijpelijke dingen gebeuren.
Een wereld waarin mensen elkaar zomaar opzij zetten.
Of zich mooier of beter voordoen dan ze zijn.
Een wereld waarin onrecht is.

Het verhaal van Tamar is het verhaal van hardnekkig je recht blijven zoeken, tegen alles in.
Tamar is de wanhoop nabij.
Maar ze legt zich er niet bij neer.
Er wordt haar veel onrecht aangedaan,
En ze moet veel lijden,
Maar ze blijft hopen op een goede afloop.

Een vraag die je kunt stellen, is:
wat is de rol van God in dit verhaal?
Als je het verhaal zo leest, zonder de verhalen eromheen,
Dan lijkt het of God alleen een rol heeft bij het veroordelen van de mannen van Tamar.
“Er was slecht in de ogen van de Heer. En de Heer doodde hem”, staat er. In die tijd werd het snel gezien als een straf van God als je iets ergs overkwam.
Datzelfde geldt voor Onan.
Hij laat Tamar in de kou staan. Hij geeft niets om haar.
En daarom neemt God zijn leven.

Ook dat is een beeld waar wij weinig mee kunnen.
En ook een die op andere plekken in de Bijbel wordt tegengesproken.
Jezus zegt: God laat de zon over goede en slechte mensen opgaan.
En hij laat zien dat ziekte en lijden niets te maken hebben met hoe je leeft.

In de Bijbel is er juist vaak onbegrip,
Over waarom God het kwade ongestraft laat,
Terwijl mensen die goed doen moeten lijden.
Je kunt er in ieder geval geen rekensom op los laten.

Maar als dát niet de rol van God is in het verhaal, wat dan wél?
God komt verder niet expliciet naar voren.
Toch denk ik dat Hij er wel degelijk is.
Niet op een spectaculaire manier.
Hij voorkomt niet dat Er en Onan overlijden;
En hij zorgt ook niet dat Tamar op een wonderlijke manier zwanger wordt.
Maar Hij is er wel.
Dit verhaal staat namelijk niet op zichzelf.
Het heeft alles te maken met de belofte die God maar een paar generaties daarvoor aan Abraham heeft gemaakt:
Ik zal jou veel nakomelingen geven.
Meer dan de sterren aan de hemel,
Meer dan het zand op de aarde.
En jouw nakomelingen zullen mijn volk zijn.
Ik zal hen zegenen.
En door hen heen zal ik alle volken zegenen.

Als Joden dit verhaal van Tamar lazen,
Dan zagen ze haar als een heldin.
Want door haar zoektocht naar recht heeft God zijn belofte aan Abraham waar gemaakt.
Door Tamar heen vervult God die belofte.
En dat is op zich heel erg wonderlijk.
Want Tamar is een vrouw, uit Kanaän nog wel.
In de ogen van iemand uit die tijd was ze totaal onbelangrijk.
Ze deed er niet toe.
Vrouwen uit Kanaän, daar hoorde je je sowieso niet mee in te laten.
Het is al vreemd dat Juda een Kanaänitische vrouw uitzocht,
En ook zijn zoon met een vrouw uit Kanaän liet trouwen.

Maar God gebruikt deze jonge vrouw om zijn belofte waar te maken.
Juda deed alles wat niet mocht.
Hij zat die belofte van God behoorlijk in de weg.
Hij trouwde met een Kanaänitische vrouw.
Hij verkocht zijn broer, Jozef.
Hij hield geen rekening met anderen,
En zijn zoons volgden zijn voorbeeld.
Het ging bergafwaarts met hem en zijn familie.

Door haar list heeft Tamar hem tot de orde geroepen.
En heeft ze gezorgd dat er nakomelingen kwamen,
Al is het dan in onze ogen op een hele vreemde manier.
Haar list zorgt ervoor dat Juda erkende dat hij fout zat,
En dat hij de tweeling die Tamar kreeg als zijn eigen kinderen aannam.
Tamar is de aartsmoeder van de stam Juda, zou je kunnen zeggen.

En het verhaal eindigt daar eigenlijk nog niet mee.
Want hiermee is Tamar één van de voorouders van koning David,
Die voor de Israëlieten de belangrijkste koning is geweest.
En uiteindelijk is uit die lijn,
in de stam van Juda,
ook Jezus voortgekomen.

Juist de weerbarstigheid van dit verhaal maakt het zo bijzonder.
Het laat iets zien over God.
God maakt een toekomst, op onverwachte manieren.
Niet alleen door mensen die alles goed doen,
Op wie niets aan te merken is.
Maar zelfs door iemand als Tamar heen.
Door iemand die door anderen onbelangrijk wordt gevonden.

God kent de weerbarstigheid van ons leven.
Een leven dat niet altijd gaat zoals gepland;
eerder altijd niet gaat zoals gepland.
Een leven waarin je te maken kunt krijgen met grote teleurstellingen.
Een leven waarin je soms geen toekomst kunt zien.

Maar Tamar krijgt een nieuwe toekomst; en niet alleen zij:
door haar nageslacht heen maakt God een nieuwe toekomst voor alle mensen.
Door haar nageslacht maakt God ook voor ons een toekomst.
Want uit haar nageslacht zal ook Jezus voortkomen.
En daarom is Tamar naast een heel moeilijk, ook een heel mooi verhaal.
Zeker als we vandaag vieren dat het advent is;
En als we het avondmaal met elkaar vieren.

Het is het verhaal van hoop, temidden van wanhoop.
Advent is in een wereld die zo vaak donker is, en onbegrijpelijk,
Waar zoveel onrecht is, waar je niet altijd een toekomst kunt zien,
Vasthouden aan de belofte van God:
De belofte dat Jezus, zijn zoon is gekomen,
Om deel uit te maken van die gebroken wereld.
En om die wereld, en de mensen die daar leven, te redden.
De belofte dat Hij zal komen,
Om recht te brengen aan wie recht zoekt.
En het verhaal laat zien hoe God werkt:
Door hele gewone mensen heen.
Zelfs door mensen van wie je het juist niet zou verwachten.
Hij kent de weerbarstigheid van ons leven.
En Hij schuift je niet zomaar aan de kant.
Ook niet als andere mensen dat wel doen.

En als we zo het avondmaal met elkaar vieren,
mogen we daar bij stil staan.
Want dat is juist waarom Jezus kwam,
En waarom hij zijn leven gaf:
Om Gods liefde te laten zien aan mensen die het allemaal niet meer weten.
Door wat hen is overkomen.
Door wat anderen hen aandoen,
Of door wat zij zelf anderen aandoen.
Het avondmaal verkondigt Gods liefde en genade,
Voor ieder die het niet meer weet.
Maar die toch wil vasthouden aan de belofte,
Dat God op een dag recht zal brengen.

Het is zoals in het bekende Kerstlied wordt gezongen:

Stille nacht, heilige nacht,
Vreed’ en heil wordt gebracht,
aan een wereld, verloren in schuld.
Gods belofte wordt heerlijk vervuld.
Amen! Gode zij eer
Amen! Gode zij eer.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *