Pinksteren: leven met open handen en een open hart

Teksten: Handelingen 2:43-47 en Romeinen 8:14-17

In de tijd dat ik stage liep ging ik eens lang bij een vrouw.
Ze vertelde over haar leven, de dingen die ze had meegemaakt.
We waren al een tijdje in gesprek, toen ze ineens uit het niets vroeg:
Hoe zit het met de Heilige Geest?
En ze keek me aan. Ze verwachtte een antwoord.
Ik stond met mijn mond vol tanden.

Hoe zit het met de Heilige Geest?
Dat is best een goede vraag.
Want heel vaak weten we niet zo goed wat we met de Geest aan moeten.
Waarom is dat eigenlijk?
Als we denken aan de Heilige Geest,
denken we aan de verhalen uit het Bijbelboek Handelingen.
Daarin gebeuren allerlei wonderlijke dingen.
Mensen die zomaar in vreemde talen spreken.
Mensen die genezen worden.
Mensen die dromen krijgen, en visioenen.
Een gemeente die razendsnel groeit.
Allemaal dingen die ver van ons dagelijkse leven,
en ook van ons eigen geloof af lijken te staan.
Wanneer maak je zulke dingen nog mee?

Het kan maken dat je iets hebt van:
ik geloof wel, maar die Heilige Geest, daar heb ik niet zoveel mee.
Ik kan me daar niet zo goed toe verhouden.
Het klinkt allemaal zo abstract.

Eigenlijk is dat ontzettend jammer!
Want de Geest is niet zo ver weg en zo abstract als wij vaak denken.
De Heilige Geest kan je leven ontzettend verrijken.
Als je bewust bent van wie de Geest is,
en wat Hij voor je kan doen, voor je kan betekenen.

In het Grieks en het Hebreeuws is het woord voor Geest hetzelfde als het woord voor adem.
Zoals je lichaam het nodig heeft dat je lucht in blijft ademen,
Zo is de Heilige Geest de adem van onze geest.
Je hebt hem nodig om geestelijk te kunnen leven.

Misschien kun je het wel vergelijken met een ballon.
Op zichzelf is een ballon niks.
Een beetje rubber.

Maar als je hem opblaast, dan wordt het iets heel anders.
Kijk in de ogen van een kind als het een ballon heeft gekregen.
Er wordt mee gespeeld.
Hij wordt in de lucht gegooid, en weer opgevangen.
De ballon brengt vreugde.

Wij zijn net als die ballon.
De Geest blaast in ons.
Als de Geest van God in ons komt, dan worden we bruikbaar.
Zoals de ballon pas een ballon is als er lucht in zit,
Zo zijn wij pas mens als de Geest van God in ons komt.

Paulus vertelt daarover in de brief aan de Romeinen.
Paulus is opgegroeid met het Joodse geloof.
Hij probeerde te leven volgens de wet van God.
Op die manier probeerde hij met God te leven.
Hij kende die wet erg goed.
Hij had zelfs les gehad van één van de bekendse Joodse leermeesters uit die tijd, Gamaliel.
Op sommige vlakken lukte het hem heel aardig om zich aan de wet te houden.
Maar op andere helemaal niet.
Had hij het gevoel dat hij steeds weer tekortschoot.

En op de momenten dat het wel lukte, dacht hij: is dit het nou?
Is dit waar het om draait?

Het was de bedoeling van de wet dat die hem dichter bij God bracht,
Maar in werkelijkheid leek die wet bijna wel tussen hem en God in te gaan staan.

Daar zit best wel iets herkenbaars in.
Als je geloof bestaat uit regels waaraan je je moet houden,
Dan kan het maken dat er weinig vreugde zit.
Soms lukt het, en soms ook niet, en dat maakt je onzeker.
En als het op bepaalde momenten wel lukt,
dan kan het zijn dat je denkt:
Is dit nou waar het leven om draait?

Paulus zegt als het ware:
de Joodse wet is als een pleister op een wond.
De wond van de zonde,
die ons leven en deze wereld zo vaak overheerst.
Maar de wond geneest er niet door.
Het verandert ons leven niet.

Maar dan komt het gedeelte dat we hebben gelezen.

Hij zegt: we hebben de Geest van God ontvangen,
Om niet langer als slaven te leven, in angst, in onzekerheid.
We hebben de Geest ontvangen om Gods kinderen te zijn.
Door de Geest staat ons leven niet meer ver van God af,
Maar mogen we elke dag met God leven.
Een relatie met Hem opbouwen.
Hem Abba noemen. Dat is Aramees voor papa.
Het woord waarmee Jezus God aanspreekt.

Een relatie heeft te maken met jezelf over durven geven.
Je kunt het wel op eigen kracht proberen,
maar dan loop je ook steeds tegen de grenzen van je eigen kunnen aan.
Hoe hard we het ook proberen.
Daar hebben we God voor nodig.

C.S. Lewis, een Engelse schrijver,
zei eens dat mensen zijn als speelgoedsoldaatjes.
Maar dat God echte mensen van ons wil maken.
Hij wil ons nieuw Leven geven. Zijn leven.
We kunnen wel zelf proberen om echte mensen te worden,
maar dan lopen we steeds weer tegen een grens aan.
Wij kunnen onszelf niet veranderen.
Alleen de Geest kan dat doen in ons.

Geloven in God hoeft helemaal niet moralistisch te zijn.
Leven met God is veel meer dan je houden aan bepaalde regels.
Hij wil je veel meer geven.

Door zijn Geest wil hij je vreugde geven.
Wil hij door jou heen werken.
Je gebruiken, zoals die ballon.
Zodat je leven Hem eer mag brengen.

Geestelijk leven, leven door de Geest,
is tegen God durven zeggen:
wilt u het doen in mij?
Wilt u mij helpen om Uw leven in mij zichtbaar te maken?
Om geduldiger te zijn, vriendelijker, liefdevoller, trouwer?
Om Uw karakter in mijn leven te weerspiegelen?

Dat geldt voor ons leven persoonlijk,
maar ook voor ons leven als gemeente.

Wat God voor ons doet, eindigt niet bij de kruisiging en de opstanding van Jezus.
Soms hebben we het gevoel dat we vanaf de Hemelvaart zelf aan het roer staan.
Vanaf dan doet God het niet meer voor ons,
maar maken we zelf de beslissingen.
Kerk wordt dan iets wat wij doen voor God.
God heeft ons gered,
en nu zijn wij aan de beurt om iets voor Hem te doen.

Maar als we kijken naar Handelingen,
Bijvoorbeeld naar het gedeelte dat we hebben gelezen,
is dat niet het beeld van de kerk dat daarin naar voren komt.
De kerk groeit, mensen komen tot geloof,
Maar niet omdat de apostelen zo hun best doen.
Ze hebben eerder moeite om het bij te benen.
Niet zij, maar God breidde hun aantal dagelijks uit.
De mensen zijn niet onder de indruk van hen,
Maar van wat God doet in hun midden.
Van de tekenen en de wonderen die de Geest doet,
Maar ook van de liefdevolle gemeenschap die ze vormen.
Ze zorgen dat ieder heeft wat hij of zij nodig heeft.
Ze loven God met elkaar, ze eten thuis met elkaar,
In een geest van eenvoud en vol vreugde.
God is in hun midden aanwezig.

Als ik deze tekst lees, dan is de eerste gedachte die bij me opkomt:
Hoe kunnen wij ook zo’n gemeenschap vormen,
Waar mensen nieuwsgierig naar worden?
Wat moeten we daarvoor doen?
Welke activiteiten moeten we daarvoor opzetten?
Misschien herken je dat ook wel.
Merk je wat daar gebeurt?
Je gaat meteen weer denken wat wij voor God moeten doen.
Hoe wij het moeten oplossen.

Maar daar gaat het niet om.
Het gaat om Gods Geest, die in hen en door hen aan het werk is.
Dat is de clue van Pinksteren.
Wij hebben zo snel de neiging om wel met woorden te geloven,
Maar in de praktijk vooral op onszelf te vertrouwen.
Terwijl, als je leeft met open handen,
Met open ogen en oren voor wat God in ons,
En om ons heen doet,
Dan kan de Geest echt aan het werk.
Dan gebeuren er dingen die je zelf niet had kunnen bedenken.
Het is jammer om daar niets mee te doen.
Om daar niet voor open te staan.

Hoe kun je daarvoor open staan?
Wat moet je doen om de Heilige Geest te ontvangen?
Als je gelooft, dan woont de Heilige Geest in je.
In de Bijbel ontvangen mensen soms ook de Geest door handoplegging,
maar dat is altijd op het moment dat ze gaan geloven.
Je hoeft er dus niets extra’s voor te doen.
Wel is het belangrijk om open te staan voor de Geest.
Om naar Hem te luisteren.
Om God te vragen om zijn Geest.

Jezus zegt daarover:
vraag en er zal je gegeven worden,
zoek en je zult vinden,
klop en er zal voor je worden opengedaan.
Want wie vraagt ontvangt, en wie zoekt vindt,
en voor wie klopt zal worden opengedaan.

Het enige wat je nodig hebt om de Geest te ontvangen,
Is een open hart.
En open handen.
Open ogen,
En open oren.
Open voor wat God in ons, door ons en om ons heen aan het doen is.
Open voor de aanwezigheid van zijn Geest in ons leven.

Daarmee is niet gezegd dat wat de Geest doet, altijd spectaculair is.
Wij denken vaak aan wonderen, en aan bijzondere ervaringen.
Het gevaar is dat de Heilige Geest dan heel erg abstract wordt.

Ik geloof dat God nu ook nog wonderen kan doen.
Maar je moet er wel mee oppassen.
Je mag er voor bidden, maar je moet er niet je geloof aan ophangen.
Ook in de tijd van de Bijbel waren er veel mensen die met pijn en ziekte te maken kregen.
Paulus zelf bijvoorbeeld, en mensen om hem heen.
Zij genazen niet door een wonder.
In God geloven betekent niet dat je nooit meer ziek wordt.
We leven in een gebroken wereld,
waarin soms een tipje van de sluier van Gods Koninkrijk wordt opgelicht.
Maar soms is God juist in het lijden nabij, aanwezig.

Wat de Heilige Geest doet, is niet alleen maar spectaculair,
Maar hij werkt juist door hele gewone mensen en door hele gewone dingen heen.
Door een onverwachte ontmoeting.
Door je kracht, of vreugde te geven,
op een moment dat je het niet zou verwachten.
Door je aan te spreken door een tekst, of een lied.
Door je stil te zetten, je te wijzen op iets dat niet goed is in je leven.
Ook dat doet de Heilige Geest.
Door je te helpen om in je leven meer Gods karakter te weerspiegelen.
Om liefdevoller, vriendelijker, geduldiger, zachtmoediger, beheerster te zijn.

Afgelopen week moest ik denken aan het verhaal van Elia.
Elia kwam bij God, om hem te vertellen dat de mensen niet naar hem luisterden.
En er staat:
de HEER kwam voorbij.
Er ging een grote, krachtige windvlaag voor de HEER uit,
die de bergen spleet en de rotsen aan stukken sloeg,
maar de HEER bevond zich niet in die windvlaag.
Na de windvlaag kwam er een aardbeving,
maar de HEER bevond zich niet in die aardbeving.
Na de aardbeving was er vuur,
maar de HEER bevond zich niet in dat vuur.
Na het vuur klonk het gefluister van een zachte bries.
Toen Elia dat hoorde, sloeg hij zijn mantel voor zijn gezicht.

Dat verhaal laat ons ook iets zien over de Geest van God.
Hij breekt niet zomaar in in ons leven, met geweld.
Maar Hij is er wel.
En wij mogen ons steeds weer verwonderen over wat Hij in ons doet.
Ons door Hem laten sterken in onze relatie met God.
Ons door Hem laten verheugen.
Hem uitnodigen om in ons leven te komen.

Zonder de Heilige Geest is God ver verwijderd,
blijft Christus in het verleden, is het evangelie een dode letter
en het christelijk leven een slavenmoraal,
maar met de Heilige Geest is God een God van nabij,
is Christus een realiteit vandaag en morgen,
is het evangelie een levenskracht
en het christelijk leven een feest.

Kom, Heilige Geest.
Onze harten staan voor U open.
Amen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *